|
|
Opgetekend:
23 februari 2006..
| |
De ridder kijkt zwijgend naar het einde van het
doolhof. Een glimlach krult om zijn lippen. Hoe lang liep hij al
in cirkels en was de uitgang niet te zien..
Vaak liep hij in gedachten, af en toe wakker geschud door
passerende figuren. Hij was dan in zo'n stille meditatie dat hij
de tekenen niet zag. De zon voelde hij wel steeds. Daar kon hij
zich regelmatig aan laven. Maar als het duister was ingevallen
vroeg hij zich stilletjes af: 'Hoe ver moet ik nog gaan..? Is
het doolhof écht zo uitgebreid, of sta ik met mijn neus vlak
voor de uitgang..'
Behoedzaam ging hij te werk, zijn vertrouwen was oppermachtig.
Hij wist als geen ander dat zijn weg was uitgestippeld. Maar hij
was tevens een mens, die niet onbeperkt kon lopen dwalen. Maar
nu siert een glimlach om zijn mond. 'Dit moet het wel zijn, het
einde van het doolhof en tevens een nieuw begin, zoals de klok
12 uur slaat'.
De schim in de verte is veelbelovend, hij volgt het teken. Nog
even en het nieuwe ligt klaar.. |
|
|